PERSBERICHT

Amsterdam, 24 februari 2005

NEDERLANDSE ORGANISATIES SCOREN ONVOLDOENDE OP VERANDERMANAGEMENT

InterMaat, een werkmaatschappij van Boer & Croon Strategy and Management Group, publiceerde deze week de resultaten van het eerste Nationaal Onderzoek Verandermanagement, NOVM. Het onderzoek toont aan dat het veranderpotentieel van Nederlandse managers sterk te wensen over laat. Het Nederlandse management geeft zichzelf een onvoldoende op visie en beleid, structuur, cultuur en onderliggende systemen. De resultaten van het NOVM zijn nu gepubliceerd in boekvorm. Het eerste exemplaar van de uitgave ‘Het eerste Nationaal Onderzoek Verandermanagement’, werd op 22 februari jl. door Steve Sichtman MBA, partner van InterMaat, op Nijenrode overhandigd aan mr. Jacques Schraven, voorzitter van VNO-NCW. De uitgave is te verkrijgen via www.novm.net

Het onderzoek is on-line uitgevoerd en meet vanaf 2004 jaarlijks het veranderpotentieel van managerial Nederland. Aan het eerste NOVM deden ruim 2100 respondenten mee, managers en professionals uit profit en non-profit sectoren.

Steve Sichtman over het onderzoek: “De Nederlandse economie moet het op dit moment hebben van innovaties, continue verbetering van producten en diensten en dus van het aanpassen van organisaties. Het veranderpotentieel van organisaties is hierdoor een kritische succesfactor. InterMaat – Masters in Change – wil achterhalen welke de stimulerende en blokkerende factoren zijn bij organisatieverandering en wat de persoonlijke interventievoorkeuren zijn van de verandermanager.” 


Twee deelonderzoeken naar verandermanagement
In het monitoring committee van het onderzoek hebben zitting:

  • De stimulerende en blokkerende factoren kwamen aan de orde in het eerste deelonderzoek opgezet door prof.dr. W. Mastenbroek, hoogleraar Organisatie en Communicatie aan de faculteit Economie van de Vrije Universiteit in Amsterdam. 

  • Het tweede deelonderzoek naar interventievoorkeuren is gebaseerd op de bekende ‘kleurentest’ gebruikt van prof.dr. Leon de Caluwé, hoogleraar Advieskunde aan de Vrije Universiteit in Amsterdam. Deze gaat uit van vijf verschillende soorten veranderconcepten. Managers hebben vaak een vaste set interventies die zij hanteren om een situatie te veranderen en een vaste set veronderstellingen en ideeën van waaruit zij de organisatie bekijken. Deze sets corresponderen met een bepaalde kleur. Tussen mensen die een verschillende voorkeur hebben verloopt de communicatie en samenwerking in het algemeen erg stroef en daarmee de beoogde organisatieverandering.

 

Blokkades en favoriete interventies 

Uit het deelonderzoek naar blokkerende factoren bij organisatieverandering kwam dat het management er niet voor zorgt dat organisatieonderdelen leren van elkaars problemen en ervaringen. Er ontstaat weerstand. Zo beweert men dat er geen tijd is of dat de nodige middelen voor verandering ontbreken. De visie van het topmanagement is niet duidelijk en leidinggevenden zijn niet goed in staat visie en beleid over te brengen op hun mensen. Tot slot is men niet stipt in het omgaan met afspraken.

Uit het deelonderzoek rond de interventievoorkeuren van de managers blijkt: Respondenten vinden het belangrijk om een duidelijke visie neer te zetten; een lerende organisatie te creëen; de zeepkist op te gaan en mensen te inspireren; terug te koppelen en te spiegelen.

Managers somber over eigen veranderpotentieel

De hoofdconclusies:

  • Het veranderpotentieel in Nederland laat te wensen over. Men scoort zichzelf gemiddeld structureel een onvoldoende op visie en beleid, structuur, cultuur en onderliggende systemen. 

  • Vanwege de omvang van deze negatieve score is er sprake van ‘toxic organizations’, ofwel vergiftigde organisaties. De vergiftigde organisatie is bijzonder ineffectief, en tegelijkertijd destructief voor medewerkers en managers. 

  • De deelonderzoeken wijzen uit dat er iets wrikt. De veranderaars geven aan dat ze een voorkeur hebben voor interventies die - in theorie - de gesignaleerde blokkades zouden moeten voorkomen. 

Tussen droom en daad

Een oorzaak voor de gevonden resultaten kan zijn dat het voor een manager prettiger is om zich met beleid en procedures bezig te houden dan met mensen. Het eerste is tastbaar, meetbaar, goed te sturen. Reacties van mensen daarentegen zijn emotioneel, onvoorspelbaar en kritisch. 

De onderzoekers menen dat interventievoorkeuren van de veranderaars moeten worden omgezet in daden. Verandermanagers moeten uitvinden wat hen belemmert. Effectieve verandermanagers informeren namelijk actief naar de mening en de achter liggende redenering van hun gesprekspartners. Ze presenteren hun eigen standpunt op een manier waardoor anderen worden aangemoedigd aan te geven op welke punten hun opvatting niet klopt. Ze verwoorden hun conclusies over de opvatting van hun gesprekspartners en nodigen hen uit te reageren. Zowel voor de organisatiewaarden als de implementatie van de strategie is innerlijke betrokkenheid een must.

Spel zonder einde

Mastenbroek, De Caluwé en Sichtman: “Als je al succesvol bent, en een gewenste situatie hebt gerealiseerd, vragen veranderingen in de context weer om nieuwe organisatieveranderingen. Verandermanagement is dus met recht ‘het spel zonder einde’. 

De resultaten van dit eerste onderzoek zijn niet echt optimistisch. Ze wijzen op een groot verschil tussen de huidige en de gewenste situatie. Toch stemt het onderzoek ook positief. De belangrijkste blokkades bij veranderingen zijn goed in kaart gebracht en goed te voorzien van herkenningspunten en handreikingen.” 

 

Noot voor de redactie

Voor nadere informatie kunt u zich wenden tot:

Boer & Croon Strategy and Management Group
mevrouw mr. M. den Boef

Tel 020 – 301 40 43 of 06 – 21 57 72 03
www.boercroon.nl

De uitgave ‘Het eerste Nationaal Onderzoek Verandermanagement’ is voor pers gratis aan te vragen bij:

InterMaat B.V.
José de Kock
Tel. 020 – 3014062
www.intermaat.nl; www.novm.net